Tobias is eblue-boat-1450531en jongetje met blond, vlassig haar en blauwe, felle ogen. Hij woont met zijn vader en moeder en twee grote broers in een houten huisje vlak bij zee. Het waait er vaak. het huis staat in een stadje. De meeste huizen zijn in vrolijke kleuren geschilderd. Het huis van Tobias is licht groen. Om het huis heen is een mooie, wilde tuin en een moestuintje.

Wat Tobias het liefste doet is spelen met vriendjes, op straat of binnen. Hij kan ook goed alleen spelen en hij kan uren tekenen. De mooiste tekeningen maakt hij dan, van plekken die hij graag zou bezoeken.

Tobias moet ook naar school, dat vindt hij leuk omdat hij dan zijn vriendjes ziet, maar leren vindt hij lastig en moeilijk. "ik moet zoveel" moppert hij dan. Tobias is slim maar hij vindt het moeilijk om de hele dag op zijn stoeltje achter zijn tafeltje te zitten en te moeten doen wat de juf zegt. Juf is ook weleens boos op hem omdat hij niet altijd luistert. Bah, stomme juf, denkt Tobias dan.

Wat Tobias het allerliefste doet is varen met hun bootje. Een mooi houten, wit met blauw bootje, met een motor. Het ligt in de haven vlak bij huis. Soms mag hij van papa aan het roer. Het bootje stuitert dan over de golven, zijn blonde haren wapperen in de wind, zijn blauwe ogen stralen. Hij mag ook weleens met zijn oudere broers varen, maar die zijn streng en laten Tobias niet sturen. Ze zeggen dat hij daar te klein voor is en het nog niet kan. Zijn broers zeggen wel vaker onaardige dingen. Dat vindt Tobias niet leuk. Zij zijn al zo groot en kunnen al zoveel. Dan voelt hij zich verdrietig.

Op een dag bedenkt Tobias een plan. Hij pakt zijn koffer en doet daar wat kleren en zijn liefste knuffel beer in. Als er niemand op hem let, glipt hij snel het huis uit en rent naar de haven, naar het bootje, springt erin en start de motor. Voorzichtig vaart hij het bootje uit de haven. Hij is een beetje verbaasd over hoe makkelijk en goed dat gaat.. Een stukje verderop op zee ligt een eilandje. Er wonen maar een paar mensen, ook in gekleurde houten huisjes. Het eilandje heeft een strand, maar ook veel bomen, heuvels en bloemen. Het is er prachtig, Tobias komt er graag. Hij kent er een aardige vrouw, Rita, die met haar vier katten in een blauw huisje woont. Ze heeft grijs haar en rimpels in haar gezicht. Sommige vriendjes zijn bang voor haar, maar Tobias niet. Daar gaat hij naar toe, daar wil hij zijn, weg van alle dingen die hij moet, school , zijn grote broers.

Het waait een beetje, de boot deint over de golven, maar de zon schijnt fel en de lucht is blauw. Het eiland komt in zicht en Tobias legt aan aan de houten stijger bij het huis van Rita. Ze komt net naar buiten lopen en begroet Tobias hartelijk en zegt hoe blij ze is dat hij er is. Ze heeft zoveel werk te doen en daar kan Tobias haar fijn bij helpen. Wat knap dat je hier alleen naar toe bent gevaren, wat zullen ze thuis trots op je zijn, zegt ze. Tobias vertelt haar maar niet dat hij stiekem is weggegaan. Ze geeft hem  een beker sap en een vers gebakken broodje en luistert naar zijn verhalen. Ze glimlacht naar hem en zegt dat ze hem al zo groot vindt! Tobias straalt.

Dan geeft Rita hem een mand en vraagt hem de rijpe bessen uit de tuin te plukken, daarna mag hij hout voor de kachel zagen en onkruid wieden. Het ene klusje na het andere doet hij en telkens zegt Rita dat ze zo blij is met zijn hulp en dat hij zo'n ijverige, harde werker is. Hij is precies op het goede moment gekomen! Tobias voelt zich blij en trots, het is fijn om Rita te helpen.

Aan het einde van de dag, als de zon al zakt en rood kleurt, vindt Rita het tijd worden dat Tobias weer terug naar huis vaart. Ze geeft hem een dikke knuffel en vertelt hem dat hij altijd terug mag komen en dat ze niemand kent die zo goed klusjes kan doen als hij.

De volgende dag ziet Tobias zijn vriendjes weer op school. Ze rennen achter elkaar aan en spelen tikkertje. In de klas moeten ze van juf een verhaal schrijven. Tobias schrijft over zijn avontuur met de boot, over het eiland en Rita, zijn harde werken en hoe blij Rita met hem was. Hij maakt er ook nog een prachtige tekening bij van het eiland. Als hij klaar is levert hij zijn verhaal bij de juf in. Ze mogen gaan buiten spelen.

Na de pauze schenkt juf Tobias een warme glimlach als hij de klas in komt. Als alle kinderen zitten, pakt juf een verhaal van de stapel en begint voor te lezen. Het is het verhaal van Tobias! Hij voelt zijn wangen gloeien, gluurt om zich heen naar de andere kinderen. Ze luisteren allemaal ademloos naar juf. Aan het einde van het verhaal laat juf nog de mooie tekening zien, ze zucht: " wat een prachtig verhaal Tobias, wat heb je dat ontzettend goed gedaan".

Tobias voelt zich trots en rustig, op zijn stoeltje, achter zijn tafel. En stiekem ook al een hele grote jongen!

 

Lotte Leclercq