“Mam, wat heb ik aan die school?”, aldus mijn 11- jarige zoon als we ‘s avonds voor het slapen gaan over zijn topografiekaart hangen om de kleine en grote plaatsen en de rivieren in Groningen in zijn hoofd te stampen. Hij heeft geen idee wat hij hier aan heeft. En hoe moet ik hem dat uitleggen? Wanneer we ergens naar toe gaan, rijd ik of zijn vader de auto. Zelf hoeft hij nog niet te weten hoe hij ergens komt. Wij brengen hem overal nog naar toe. Zelfs de trein brengt ons zonder moeite van Wormerveer naar Groningen. Waarom zou je dan in hemelsnaam al die plaatsen uit je hoofd moeten kennen? Jesse heeft na 8 jaar onderwijs nog steeds geen idee wat school voor toegevoegde waarde biedt in zijn leven.

Alles wat hij weten wil, vindt hij razendsnel op de computer. De dingen waarin hij echt geïnteresseerd in is, die weet hij feilloos. Ik ben er van overtuigd dat wanneer Groningen zijn aandacht trekt, hij binnen de kortste keren een weg op internet heeft gevonden waar hij alles over Groningen vinden kan. Hoe kan ik hem als ouder dan duidelijk maken dat scholing belangrijk is? Hoe kan ik het hebben over een toekomst? Of de keuzemogelijkheden die hij krijgt wanneer hij nu even zijn best doet op school.
Uit alles wat ik hem zou vertellen zou mijn angst spreken, mijn angst dat als hij nu zijn best niet doet hij later niet kan doen waar hij zin in heeft. Met als gevolg dat de kans dat hij niet gelukkig zal worden velen malen wordt vergroot.

Maar hoe kan ik dat denken als zowel zijn vader als ik beide niet doorgeleerd hebben en toch heel gelukkig zijn in ons werk nu? Hoe kan ik hem serieus vertellen dat de kansen dat hij gelukkig wordt vele malen groter zouden worden als hij nu zijn best doet op school terwijl we beide daar geen voorbeelden voor zijn? Hoe kan ik hem überhaupt iets vertellen als het door angst is ingegeven?

Jesse is 11 jaar oud en dit jaar zal hij geconfronteerd worden met de vraag wat hij later wil worden. Hij zal een school moeten kiezen die bij hem past. Is dat niet een beetje veel gevraagd voor een kind dat nog zo zijn leven aan het leven is, nog zo zijn eigen mogelijkheden aan het ontdekken is?

Op dit moment leven er veel kinderen als Jesse. Kinderen die het nut niet inzien van het huidige onderwijs. Kinderen die vanuit hun hart willen leven. Het leven willen ervaren vanuit liefde niet vanuit angst. Deze kinderen vragen jou als ouder om te vertrouwen op hun wijsheid. Ze vragen om geaccepteerd te worden in hun keuzes ook al komen deze keuzes niet overeen met die van jou als ouder.

Ik heb voor mezelf een oplossing gevonden. Ik heb Jesse zijn mogelijkheden laten zien. Ik heb hem de scholen aangewezen en de daarbij behorende beroepen uitgelegd waar hij uit kan kiezen als hij op deze manier omgaat met zijn schoolwerk. Ik heb hem verteld waar zijn vrienden uit de klas naar toe gaan.
Met andere woorden, ik heb hem de spelregels van de maatschappij uitgelegd. En verder heb ik hem vrij gelaten in zijn eigen wijsheid. Wat hij ook zal kiezen en wat hij ook zal doen. Ik ben zelf gaan werken aan het vertrouwen in mij dat hij de juiste beslissing voor ZIJN leven gaat nemen. Tenslotte moet hij zijn eigen leven leiden en ik kan niet zien waar hij gelukkig van wordt.

Het vergt een hoop vertrouwen en een zere tong van het bijten. Natuurlijk zijn er momenten dat ik hem door elkaar zou willen rammelen van frustratie. “Kijk nou wat je doet met je leven. Je kunt zoveel meer. Je kan zo goed leren. Gooi dat nou toch niet allemaal weg”. Het zijn allemaal zinnen die op het puntje van mijn tong liggen. Maar ik slik de woorden in en ik bijt waar nodig op mijn tong. En ik besef elke keer weer als ik deze woorden inslik dat ik hem toch niet vrij kan laten. Dat ik hem nog steeds niet genoeg vertrouw. Dat ik nog steeds denk dat ik het beter weet dan hij. Dat ik als ouder kan bepalen wat goed is voor mijn zoon. En ik weet vanuit ervaringen van het verleden waarin dit knulletje me keer op keer liet zien hoe wijs hij was, hoeveel wijzer hij is dan ik, dat ik niet kan bepalen wat goed voor hem is.

Het blijft moeilijk om in onze prestatie gerichte maatschappij vertrouwen te hebben in de eigen-wijsheid en de natuurlijke nieuwsgierigheid van het kind. Het is moeilijk om zoveel vertrouwen te hebben dat hij uiteindelijk zijn weg wel zal vinden. En dat hij dat sneller zal vinden wanneer hij mijn onvoorwaardelijke liefde en vertrouwen ontvangt dan dat ik hem overlaad met mijn angst en dwing om te voldoen aan de eisen die de maatschappij aan hem stelt. Dus om terug te komen op zijn vraag: “Mam, wat heb ik aan die school?” is mijn antwoord: “Lieve schat, wat jij aan school gaat hebben kun jij en alleen jij voor jezelf uitmaken. Ik kan je alleen mijn ervaringen maar vertellen”.