width=Mijn jongste zoon Daniël is 13. Hij is mijn kleine Daan. We hebben samen een heel speciale band. Zwanger worden was voor mij niet vanzelfsprekend en de laatste week van de zwangerschap ging er iets mis waardoor Daan voor zijn leven heeft moeten vechten. Ik denk dat toen onze speciale band ontstaan is. Samen met zijn grote broer vormen we een echt mannengezin. Daniel is een heerlijk joch, maar hij is altijd anders geweest. Waar ik met zijn broer kon lezen en schrijven, begreep en begrijp ik vaak niet wat er in Daniel omgaat.
Hij doet veel dingen altijd net even anders dan ik het kan bedenken. Nu zit hij de laatste maanden niet lekker in zijn vel. Hij gebruikt veel scheldwoorden en heeft veel ruzie. Thuis, maar ook bij zijn vrienden. Ik heb zelfs al van een moeder te horen gekregen dat ze het niet leuk vindt als Daniel nog langskomt. Ik heb moeite met deze kant van Daniel. Niets wat ik zeg of doe is goed. Alles lijkt net de verkeerde snaar te raken. Hoe kan ik hem helpen?

Prepuberteit en puberteit
Een kind van 13 jaar zit tegen de puberteit aan, maar hij is al wel aan het pre puberen. De prepuberteit lijkt veel op de puberteit. Experimenteren, een grote mond, de behoefte aan veel prikkels etc. Het grote verschil is echter dat een kind emotioneel nog niet los is van de ouders in de prepuberteit. Dat gebeurt in de pubertijd. In de puberteit trekt een innerlijke kracht heel hard aan het kind om alle vertrouwde veiligheden los te laten en zelf de wereld te gaan ontdekken. Dit kan heel angstig zijn voor een ouder, omdat de sturing die jij je kind gewend bent te geven niet meer aanslaat. Het is alsof je een ander kind hebt gekregen, met een ander besturingssysteem.

De innerlijke kracht van een prepuber groeit
Wat je voor ogen moet houden is dat deze periode voor een kind ook best angstig kan zijn. Die innerlijke kracht in een prepuber groeit en maakt dat ze sterker dan ooit de behoefte hebben om zelf te ontdekken. Hun eigen waarden toe te passen en uiteindelijk een eigen leven te gaan leiden. Hoe groter de druk vanuit de ouders is om het kind klein te houden, hoe harder het kind gaat vechten om los te komen.

Hij voelt de behoefte om los te komen
Daniel is 13 en zit in de prepuberteit. Hij voelt de behoefte om los te komen van de bescherming van zijn ouders. Voor moeder is Daniel nog een kleine Daan. Mede door de lastige start waarin Daniel voor zijn leven heeft moeten vechten zal het beschermingsinstinct van de moeder voor haar kleine Daan flink zijn ontwikkeld. Zij benoemt dit als de speciale band die ze met Daniel heeft. Alles wat ze zegt en doet zal dus doordrenkt zijn met boodschappen als: “Ik help je wel, doe voorzichtig, gaat het wel goed?” Daniel moet hierdoor harder werken om los te komen en dat resulteert in gedrag wat over de top gaat.

Moeder zou Daniel enorm helpen door zich te realiseren dat ze Daniel klein houdt door hem te veel te willen beschermen. Ze zou elke avond voor het slapen gaan,  kunnen visualiseren dat Daniel groot en sterk is, zijn eigen weg vindt en op eigen benen staat.