Er was eens een lieveheersbeestje dat graag de taal van de bijtjes wilde leren spreken. Op de insectenschool had ze kennisgemaakt met de taal van de bijtjes en die vond ze werkelijk prachtig! Deze taal was zoveel zachter dan de taal van de lieveheersbeestjes en de bijtjes zoemden zo mooi. Op school kon ze deze taal nog beter gaan leren om er later misschien andere lieveheersbeestjes mee te helpen. Maar dat ging natuurlijk niet zo snel en het was ook best moeilijk om deze taal te leren. Op een dag had het lieveheersbeestje een idee; ze dacht: ‘als ik nou eens een paar weken naar het land van de bijtjes ga dan leer ik hun taal vast nog beter!’ Gelukkig had het lieveheersbeestje een vriendinnetje dat de bijtjestaal al heel goed sprak omdat zij een vriendje had dat uit het land van de bijtjes kwam. Samen maakten ze een plan om in de zomer naar bijtjesland te gaan. Aan de ouders van het vriendje vroegen ze of zij misschien een nest wisten waar het lieveheersbeestje een tijdje kon wonen.

 

Na een aantal spannende weken wachten kreeg het lieveheersbeestje het bericht dat er een nestje gevonden was waar ze een paar weken kon komen wonen. Er waren daar drie kleine bijtjes waar ze voor moest zorgen als vader en moeder bij naar hun werk moesten. Ze kreeg er eten en ze kon er slapen en als dank daarvoor zorgde ze voor de kleintjes. Op deze manier kon ze de taal van de bijtjes goed leren. Het lieveheersbeestje was heel blij en ging op reis naar het land van de bijtjes! Ze was hier wel al eerder geweest maar nooit zonder haar ouders en dat vond ze toch wel een beetje spannend. Ook vond ze de taal van de bijtjes nog heel moeilijk. Gelukkig was haar vriendinnetje uit lieveheersbeestjesland die zomer ook in bijtjesland bij haar vriendje en zijn vader en moeder. Zo kon ze toch af en toe haar eigen taal spreken en had ze iemand in de buurt die ze kende.

 

De bijenfamilie waar het lieveheersbeestje in terecht kwam, was heel groot en ze logeerden met z’n allen in het nest van de opa en oma van de kinderbijtjes. Zij hadden een heel groot nest waar plaats was voor iedereen en waar de kinderbijtjes lekker buiten konden spelen. Het lieveheersbeestje voelde zich best eenzaam tussen deze grote familie die ook nog eens een andere taal sprak en haar niet echt opnamen in hun bijtjesfamilie. Opeens vond ze dat de bijtjes helemaal niet zo mooi zoemden! Ze begreep vaak niet waar ze het over hadden, zo snel zoemden ze en ze zoemden vaak niet eens tegen haar. Eigenlijk wilde het lieveheersbeestje zo snel mogelijk weer terug naar lieveheersbeestjesland. ’s Avonds belde ze met haar moeder en ze snikte in de telefoon: ‘ik wil naar huis terug, ik voel me hier zo eenzaam! Haar moeder begreep haar maar zei: ‘hou nog even vol, lieveheersbeestje, het is maar voor een paar weken en je zult de taal van de bijtjes heel goed leren. Je wilt deze taal toch zo graag leren zodat je hem later weer aan andere lieveheersbeestjes kunt leren?’ ‘Ja, dat is waar’ zei het lieveheersbeestje. ‘Als het volgende week niet beter gaat, dan kom ik meteen terug naar bijtjesland!’ ‘Dat is goed’, zei haar moeder. De volgende week had het lieveheersbeestje haar moeder weer aan de telefoon en weer zei het lieveheersbeestje dat ze zo’n heimwee had en zich eenzaam voelde. En opnieuw zei haar moeder: ‘hou nog even vol, als je volgende week nog zo’n heimwee hebt, dan kom je gewoon terug naar lieveheersbeestjesland.’ En de week erop ging het weer zo. Zo ging het week na week en voordat het lieveheersbeestje het in de gaten had, waren de acht lange weken voorbij en was het alweer tijd op naar lieveheersbeestjesland te gaan. Met pijn in haar hart nam ze afscheid van de kinderbijtjes waar ze veel van was gaan houden. En de taal van de bijtjes zoemde ze nu vloeiend!

 

 

 

 

Helend verhaal voor de Adolescent

Geschreven door Marlijn Driessen – van den Eijnden

Haarlem, 7 april 2011