“Jij met al je cursussen, voor mij is het instinct!” Dit waren de woorden van mijn negenjarige zoon Jesse nadat we allebei op adem waren gekomen na een flink meningsverschil. En hij heeft gelijk. Zoals gewoonlijk. Niet dat ik altijd gelijk zie wat hij bedoelt. Maar meestal als ik er even over nagedacht heb, dan heeft hij gelijk. Zo ook nu. Volgens Jesse leer ik op al die door mij gevolgde cursussen ‘trucjes’ om me te herinneren wie ik ben en de daarbij behorende levensvisie. Terwijl hij gewoon vanuit zijn natuurlijke Zijn in het leven staat. Dit is voor mij als volwassene soms al lastig te begrijpen, laat staan voor een kind van negen.

 width=Stel je eens voor dat iemand zich boven je stelt, die je vertelt wat je wel en niet mag doen, hoe het wel en niet hoort en tegelijkertijd doet die persoon zelf precies hetzelfde als jij. Met het enige verschil dat die persoon het niet van zichzelf ziet omdat het zijn schaduw kant is (een karaktertrek die hij zelf nog niet kent). Nu word jij terechtgewezen, naar je kamer gestuurd. Terwijl die persoon zelf rustig op dezelfde voet verder gaat. Totaal onrechtvaardig. Wat gebeurt er dan? Het gevoel van onrechtvaardigheid, de machteloosheid moet eruit. De een doet dat stil, huilend in zijn kamertje, de ander komt in opstand, en geeft zijn broertje een schop. Jesse doet geen van tweeën. Jesse wordt boos. En wel zo boos dat je er niet omheen kunt. Hij slaat met zijn hoofd tegen de muur, trekt zijn haren uit zijn hoofd en van pure onmacht kan hij amper nog uit zijn woorden komen.

Ik zal hem eens vertellen dat hij het helemaal fout ziet…
Op zo’n moment weet ik dat ik fout zit. Niet dat ik me er bij neerleg hoor. Nee, ik ga er tegenin. Ik ben zijn moeder, ik ben ouder, vooral wijzer en ik neem dit niet van mijn negenjarige zoon. Ik zal hem wel eens vertellen dat hij het helemaal fout ziet. Uiteindelijk na veel strijd kan ik hem alleen maar gelijk geven. De strijd is onnodig en zorgt voor veel energieverlies. De wijze waarop ik nu in het leven sta zorgt ervoor dat deze strijd ook zelden nog voorkomt. Maar soms op een onbewaakt ogenblik vergeet ik even wie ik ben en wat ik hier kom doen op deze aarde. Soms is daar mijn angst, mijn verwarring van waaruit ik de machtspersoon ga spelen. Om deze angsten en verwarring om de pijn waarmee hij me confronteert aan te kunnen, creëer ik een machtspositie. Ik ben even op de hoge rots geklommen om hem van boven af toe te spreken over hoe ik denk dat hij zich zou moeten gedragen. Jesse is een wijs jongetje van negen jaar. Hij herkent onmiddellijk wanneer ik vanuit pijn reageer en hij wijst mij feilloos op de dingen die ik nog te leren heb in dit leven.

Wij hebben dus een omgekeerd leerproces
De kinderen van deze tijd leven vanuit hun gevoel. Wanneer hun gevoel zegt dat iets goed voelt, dan gaan ze ervoor. Ook al lijkt het voor ons niet logisch. Maar ja, wij leven dan ook vanuit ons denken. En wat is nu betrouwbaarder? Je gevoel of je hoofd. Ik denk dat het handig is om van alle twee gebruik te maken, door het denken ons gevoel te laten ondersteunen. Wij als volwassene zijn gewend om onze ratio voorop te stellen. Kinderen hun gevoel. We hebben dus een omgekeerd leerproces. Voor kinderen is het belangrijk om hun ratio te stimuleren, en voor ons is het belangrijk om niet alles van onze rationele logica af te laten hangen. Meer op ons instinct af te gaan dus. En dat zijn de woorden die ik na een verhitte strijd als toetje kreeg voorgeschoteld van mijn zoon.