Ergens in een ver, ver land, woonde een slingeraapje. Het woonde er samen met haar ouders, broertjes en zusjes in een hoge boom op een grote stevige tak met allemaal zijtakken. Deze grote boom stond daar niet alleen; Hij stond in een groot oerwoud met nog meer van deze grote bomen met grote takken met zijtakken. Dat maakte het oerwoud tot een waar klimparadijs.

Het slingeraapje heette Vleertje (van vleermuis) want een van de eerste dingen die ze deed toen ze geboren werd, was ondersteboven aan een tak hangen, tot grote verbazing van haar ouders, broertjes en zusjes. Vleertje was een nieuwsgierig, ondernemend aapje bomvol energie. Zij ging er graag op uit en hoe ouder ze werd, hoe verder ze durfde te klimmen. En hoe verder ze durfde te klimmen, hoe meer ze ontdekte wat ze allemaal kon! Dit liet ze dan ook graag zien: ‘Mamma! Mamma! Kijk wat ik kan!’ riep ze vaak als ze een nieuwe klim- en klautertruuk had geleerd.

Vleertje ontdekte nog veel meer: takjes, blaadjes, bloemetjes en allerlei andere dingen die groeiden in het woud. Het was allemaal zo prachtig en mooi, ze maakte er van alles mee, het was een creatief aapje. Ze kon uuuuuuuuren spelen en vergat dan alles om zich heen. Ze ontmoette ook andere oerwoudbewoners die op andere plekken in het oerwoud woonden en maakte zo een paar vriendjes en vriendinnetjes. Die zocht ze graag op om samen mee te spelen. Haar beste vriendinnetje was Glinster, een prachtige vlinder met vleugels in de glinsterende kleuren van de regenboog. Daar beleefde ze de leukste avonturen mee. Zoals die keer dat ze samen tot in het allerhoogste topje van de boom waren geweest en zo ver hadden kunnen kijken. Zo’n mooi uitzicht hadden ze nog nooit gezien!

Vleertje werd zo blij en enthousiast van al haar ontdekkingen en speelpartijtjes dat ze er soms behoorlijk druk in haar hoofd van werd. Ze wilde nooit stoppen met spelen en soms was het alsof ze niet eens meer kon stóppen. In slapen had Vleertje al helemaal geen zin, dat lukte tóch niet en het duurde zo lang.
Soms was het alsof alles wat ze meemaakte niet allemaal meer in haar hoofd paste... Alle gedachten, alle woorden en beelden van één dag gingen allemaal door elkaar heen en het werd een grote brei waardoor ze soms niet eens meer wist wat ze nou had meegemaakt. Daar werd Vleertje een beetje moe en chagrijnig van en ze wist niet zo goed wat ze daaraan moest doen.

Op een avond zat Vleertje weer eens in haar bedje te wiebelen, ongeduldig wachtend op de slaap. Glinster fladderde tijdens haar avondvlucht toevallig langs toen Vleertje haar opmerkte.
‘Ik kan niet slapen’ zei Vleertje. ‘Mijn hoofd zit zo vol, ik voel me onrustig’.
Glinster landde rustig naast haar en sloeg haar vleugels open. In de avondzon leken de kleuren nóg mooier dan overdag. Vleertje was diep onder de indruk, ze vond het zo mooi! Ze leek er wel door betoverd, ze werd er helemaal rustig van.
Glinster begon te vertellen. ‘Weet je wat bij mij helpt? Ik zie het zo: in je hoofd zit ook een oerwoud met hoge bomen. Elk avontuur dat jij overdag meemaakt komt als een vlinder je hoofd binnenvliegen. Aan het eind van de dag zit het woud in je hoofd vol met prachtige vlinders in allerlei kleuren, groot en klein. Ze vliegen kris kras door elkaar, je ziet geen hand voor ogen. Dat maakt dat jij je aan het eind van de dag onrustig en druk voelt in je hoofd.’

‘Door ’s avonds in je nestje te kruipen, lekker te gaan liggen en je ogen te sluiten, geef je elke vlinder de kans om op een tak te landen. Als een vlinder eenmaal rustig op een tak geland is, opent hij langzaam zijn vleugels en kun je goed kijken naar hoe mooi de kleuren en vormen op zijn vleugels zijn. De vlinders zijn stuk voor stuk adembenemend mooi en elke vlinder roept een avontuur bij je op dat jij die dag beleefd hebt. Als een vlinder geland is, kun jij de tijd nemen om daar weer aan terug te denken, te genieten van de kleuren en dat zal je rustig en blij maken. Zo vinden alle vlinders een plekje in een boom. Je kunt ze op je gemak één voor één bekijken en ik weet zeker dat je die manier vanzelf in slaap valt. Zo is naar bed gaan nooit meer saai en de volgende dag is er weer genoeg plek voor nieuwe vlinders!

Vleertje was helemaal rustig geworden van de woorden van Glinster. Ze sloot haar ogen en zag de eerste vlinder in het woud in haar hoofd al landen. Met al haar aandacht ging ze daarheen en ineens zag ze zichzelf weer samen met Glinster in het allerhoogste topje van de boom zitten. Ze zag opnieuw het prachtige landschap dat zich tot de horizon uitstrekte. En voordat Glinster weer verder kon vliegen viel Vleertje in een diepe, diepe slaap met mooie kleurrijke dromen.

Nathalie Rietdijk (Helend verhaal voor Indi (7 jaar))